Contemplatieve praktijken in de kerk

Contemplatieve praktijken in de kerk

20 februari 2020 Uit Door Redactie

DOOR INGEBORG TE LOO | Drie en een half jaar woon ik nu in Stadsklooster Arnhem, een plek waar we samen bidden en leven, waar monastieke praktijken langzamerhand steeds meer een onderdeel van mijn leven zijn gaan worden. Het begon met het verlangen naar getijdengebeden, naar gemeenschap en er zijn voor de omgeving. Na verloop van tijd kwamen daar woorden als stabilitas, stilte en solitude bij. Dat ging vanzelf, als spiegel, als worsteling, als noodzaak. In het leven in gemeenschap, werd de behoefte aan alleen zijn groter, in mijn vele gereis en op weg zijn, werd het verlangen naar stabilitas, blijven op een plek, blijven bij mezelf groter.

In deze zevende blogpost van een serie die ik samen met Jos Douma schrijf over het boek ‘Contemplative Church. How Meditative Prayer & Monastic Practices Help Congregations Flourish’ zoomen we in op hoofdstuk 6 van dat boek waarin Peter Traben Haas ingaat op praktijken van monastiek leven in gaat.

‘Het monastieke leven is een wezenlijke kans om mens te zijn, en in het zoeken van God raken we het diepste verlangen van ons hart. Dit is geen nieuwe theorie. Augustinus schreef dat we op zoek zijn naar één mysterie, God, met een ander mysterie, onszelf, omdat Gods mysterie in ons is. Onze geest kan zelfs niet begrepen worden door zichzelf, omdat het gemaakt is naar Gods beeld’.

Brendan Freeman

Traben Haas geeft in dit hoofdstuk een overzicht van verschillende monastieke praktijken en wat hij daarin meegeeft is dit ‘Als wij onze praktijken doen of bewaren, dan bewaren deze praktijken ons.’ Deze praktijken kunnen helpen om de kerk te vernieuwen. Deze monastieke prakijken zijn:

Lectio Divina
ritme van gebeden
zelf observatie
stilte
eenvoud
alleen zijn
innerlijke stilte

Stilte

Voor dit blog pak ik er nu twee thema’s uit: stilte en alleen zijn. Ze zijn niet los verkrijgbaar. Want juist in de stilte en in het alleen zijn ontdek je veel van jezelf (zelfobservatie) en ontdek je je eigen innerlijke onrust en verlangen naar innerlijke stilte. Jos Douma ging in het vorige blog in op centrerend gebed. Hoe trekt die stilte dan met je mee de dag in? Opeens valt al het geluid rondom je op. Wat gebeurt er met jou, met de ander als een gesprek stil valt? Is dit ongemakkelijk? Of ontdek je juist iets nieuws? Vaak zijn woorden niet nodig, of ben je in gesprek al weer aan het denken aan wat je vervolgens wil zeggen. Ben je dan nog echt aanwezig? In stilte kun je luisteren naar wat er echt gezegd wordt. In stilte kan juist intimiteit ontstaan. In de stilte spreekt God, of misschien: in de stilte kunnen wij God horen. Juist in stilte zijn we ten diepste gekend.

‘Ga in je cel en je cel zal je alles leren’ is een uitspraak die toegeschreven wordt aan de woestijnvader Abba Mozes, een variant hierop is ‘Houd de stilte en de stilte zal je alles leren’. Stilte en alleen zijn, zijn zo twee kanten van dezelfde medaille.

Alleen zijn

Solitude, waar vertaal je dat in het Nederlands mee? Met eenzaam zijn, alleen zijn? Dat roept associaties op met sociale eenzaamheid. Dat is het niet. Het roept associaties op met : solo, solide. attitude; die woorden zijn helpend. Het is een innerlijk alleen zijn. Leven in verbinding met jezelf. Stevigheid van binnen. Beweging naar binnen. Bewust zijn wat er in – en met jezelf gebeurt, in je ziel. Met God blijven. Een gift die leidt naar innerlijke vrijheid. Je richten op het ene noodzakelijke, waar alles bij elkaar komt:

‘de zoektocht naar betekenis en liefde, de zoektocht naar zijn ene identiteit, zijn geheime naam, beloofd door God (openbaring 2:17 en naar de vrede van Christus die de wereld niet kan geven (Joh 14:27).’

Thomas Merton in Contemplation in a World of Action

In kerk en samenleving

Wat betekenen deze praktijken voor kerk zijn temidden van onze samenleving? Traben Haas pakt hier After Virtue van MacIntyre bij. MacIntyre spreekt over geleefde praktijken die woord en daad, geloof en actie, zijn en doen met elkaar verbinden. Hij gaat terug naar de het leven en de Regel van Benedictus en benadrukt dat wij opnieuw zo’n manier van leven nodig hebben. Monastieke praktijken hebben deze holistische manier van leven in zich.

Trage vragen om verder bij stil te staan en over te spreken: Wat kunnen wij leren van een monastieke ethos, van monastieke spirituele praktijken voor ons kerk zijn nu? Kan het ons uit onze doe modus halen en meer naar ons zijn brengen? En zo nodig weer terug zodat contemplatie en actie als eb en vloed kunnen bewegen. Kan het ons leren leven met vragen, met paradoxen, met de onopgeloste dingen van het leven?